Parkeerplaats

Een zakenman zit vast in het verkeer in Amsterdam. Hij heeft een belangrijke afspraak en kan geen parkeerplaats vinden. Het zweet staat hem op het voorhoofd. De tijd dringt. In een opwelling wendt hij zich naar boven en roept uit: ‘Heer, heb medelijden. Als u een parkeerplek voor me vindt zal ik iedere zondag naar de kerk gaan en geen druppel whisky meer drinken!”

Als de volgende bocht passeert ziet hij een lege parkeerplaats. De man kijkt nogmaals op en roept: “Laat maar zitten hoor, ik heb er al één gevonden!”