IJsvissen

Een blondje wil gaan ijsvissen en ze heeft vele boeken over het onderwerp gelezen, schaft de nodige spullen aan en gaat naar het ijs. Ze zet haar stoeltje op het ijs en begint te hakken. Plots dondert een stem vanuit de hoogte: HIER ZIT GEEN VIS.

Geschrokken verplaatst het blondje zich naar een andere plek op het ijs.
Ze zet haar stoeltje neer en wil weer een gat hakken.
Opnieuw hoort ze een stem donderen: HIER ZIT GEEN VIS.

Het blondje, zeer bezorgd, verplaatst zich helemaal naar de andere kant op het ijs.
Ze zet haar stoeltje weer neer en hakt opnieuw een gat.
Weer die stem: HIER ZIT GEEN VIS.

Ze stopt, kijkt naar boven en roept: BENT U DAT, GOD?

De stem antwoordt: NEE DOOS, IK BEN DE OMROEPER VAN DEZE KUNSTIJSBAAN !!

Parkeerplaats

Een zakenman zit vast in het verkeer in Amsterdam. Hij heeft een belangrijke afspraak en kan geen parkeerplaats vinden. Het zweet staat hem op het voorhoofd. De tijd dringt. In een opwelling wendt hij zich naar boven en roept uit: ‘Heer, heb medelijden. Als u een parkeerplek voor me vindt zal ik iedere zondag naar de kerk gaan en geen druppel whisky meer drinken!”

Als de volgende bocht passeert ziet hij een lege parkeerplaats. De man kijkt nogmaals op en roept: “Laat maar zitten hoor, ik heb er al één gevonden!”

Brief aan god

Een arm vrouwtje schreef een brief aan God, adres “Hemel”, waarin ze 2000 euro vraagt om om haar huurschuld af te betalen.

De sorteerders van de Post weten geen raad met het adres en maken de brief open…

Ze zijn zo ontroerd door het lot van het arme vrouwtje, dat ze met de pet rondgaan.

Zo halen ze 1800 euro op.

Dit bedrag doen ze in een envelop met een briefje van “God” erbij en sturen het terug aan het oude dametje.

Een week later ontvangt de Post weer een brief gericht aan God, adres : “Hemel”.

Ze maken de brief weer open en lezen:

“Lieve God, bedankt voor het geld.

Als u nog iets kunt missen, stuur het dan niet meer via de Post, want die rotzakken hebben er 200 Euro uit gepikt…”

Ferdinand Porsche

Ferdinand Porsche, beroemd ontwerper van auto’s, overlijdt en komt bij de hemelpoort.

St Pieter vangt hem op en zegt

‘Meneer Porsche,vanwege uw grote verdienste voor de ontwikkeling van de auto mag u een wens doen’.

Porsche denkt even na en zegt ‘Goed, laat me dan een uurtje met God babbelen’.

Petrus knikt, brengt hem naar de troonkamer en stelt hem voor aan God.

Porsche vraagt aan God: ‘Beste God, uw ontwerp ‘de vrouw’, waar zat U met uw hoofd toen u haar uitvond?’.

God: ‘Hoe bedoel je?’.

Porsche: ‘Nou, je ontwerp stikt van de fouten. Ga maar na:

De voorkant is niet aerodynamisch.
Het maakt veel te veel lawaai.
De onderhoudskosten liggen extreem hoog.
Het is 5 a 6 dagen in de maand volkomen nutteloos.
De achterkant hangt te los.
Het moet constant opnieuw geverfd en afgewerkt worden.
De uitlaat zit te dicht bij de inlaat.
De koplampen zijn vaak te klein.
Het brandstofverbruik ligt veel te hoog.

God denkt even na en antwoord dan:

‘Meneer Porsche, dat mag dan misschien wel zo zijn, maar volgens de statistieken rijden er meer mannen met mijn uitvinding dan met de jouwe’.