Militaire Dienst

Drie kerels moeten in militaire dienst: een bakker, een automonteur en een stotterende takelwagenchauffeur.

Ze komen bij de sergeant en die vraagt aan de eerste man: ‘Wat is je beroep?’ ‘Ik ben bakker,’ zegt de man. ‘Ok,’ zegt de sergeant, ‘naar gebouw 24: de bakkerij.’

Dan vraagt de sergeant aan de tweede man wat zijn beroep is. ‘Ik ben automonteur.’ ‘Ok,’ zegt de sergeant, ‘naar gebouw 9: de garage.’

Vraagt de sergeant aan de derde man naar zijn beroep. Zegt de takelwagenchauffeur: ‘Ta-ta-ta-ta-tak-ta…’ Zegt de sergeant: ‘Naar gebouw 14: machinegeweren.

Militaire keuring

Een jonge vrachtwagenchauffeur komt op de militaire keuring en wil graag afgekeurd worden.  Hij komt bij de keuringsarts en moet zich uitkleden.

´Beroep?´ vraagt de arts. ´Vrachtwagenchauffeur.´
´Wat zijn je gebreken?´ vraagt de arts.
´Mijn koplampen werken niet,´ zegt de jongen, lollig.
´Hoe bedoel je,´ vraagt de arts. Ik bedoel: ik heb slechte ogen.´
´We zullen eens zien,´ zegt de arts en loopt naar de kaart met de kleine en grote letters.
De arts wijst op kleine letters: ´Kun je dit lezen?´ ´Nee, sorry,´ zegt de jongen.
De arts wijst op grotere letters: ´Kun je dit dan lezen? ‘Nee, sorry,´ zegt de jongen.
De arts wijst op de allergrootste letters:´Kun je dit dan lezen?´
´Absoluut niet,´ zegt de jongen.

´Dat is inderdaad niet zo best,´ zegt de dokter, ´maar ik heb nog een tweede test.´
Nu laat de dokter een spiernaakte meid voor het bord staan.
´Zie Je wat?´ zegt de dokter. Niets,´ zegt de jongen.
´Nou,´ zegt de dokter, ´misschien werken je koplampen niet maar je richtingaanwijzer doet het wel.´
‘GOEDGEKEURD