Ferdinand Porsche

Ferdinand Porsche, beroemd ontwerper van auto’s, overlijdt en komt bij de hemelpoort.

St Pieter vangt hem op en zegt

‘Meneer Porsche,vanwege uw grote verdienste voor de ontwikkeling van de auto mag u een wens doen’.

Porsche denkt even na en zegt ‘Goed, laat me dan een uurtje met God babbelen’.

Petrus knikt, brengt hem naar de troonkamer en stelt hem voor aan God.

Porsche vraagt aan God: ‘Beste God, uw ontwerp ‘de vrouw’, waar zat U met uw hoofd toen u haar uitvond?’.

God: ‘Hoe bedoel je?’.

Porsche: ‘Nou, je ontwerp stikt van de fouten. Ga maar na:

De voorkant is niet aerodynamisch.
Het maakt veel te veel lawaai.
De onderhoudskosten liggen extreem hoog.
Het is 5 a 6 dagen in de maand volkomen nutteloos.
De achterkant hangt te los.
Het moet constant opnieuw geverfd en afgewerkt worden.
De uitlaat zit te dicht bij de inlaat.
De koplampen zijn vaak te klein.
Het brandstofverbruik ligt veel te hoog.

God denkt even na en antwoord dan:

‘Meneer Porsche, dat mag dan misschien wel zo zijn, maar volgens de statistieken rijden er meer mannen met mijn uitvinding dan met de jouwe’.